Net zoals alle voorgaande keren slaap ik de nacht voor de N4D slecht. Ondanks alle ervaring is er spanning of het toch weer gaat lukken en angst om me te verslapen. Tel daar ook nog de angst dat de Wandelkerel zich verslaapt bij op en dan zijn er genoeg redenen om regelmatig 's nachts wakker te worden. De angst is ook dit jaar weer ongegrond, de Wandelkerel verslaapt zich niet, hij heeft zelfs zijn reservewekker niet nodig en nadat hij vertrokken is, dut ik nog wel even, maar ook ik slaap niet door de wekker heen. Nadat ik mijn bed heb verlaten, neemt Dochterlief hem in beslag. Mijn bed is ruimer en vandaag heeft ze nog geen verplichtingen, dus zij neemt het er nog even lekker van.
Na het ochtendritueel stap ik op de fiets en mooi op tijd sta ik op de Wedren. Voor het eerst in mijn 4Daagsecarrière heb ik geen vast(e) wandelmaatje(s), dat is een geheel nieuwe ervaring. Ik vind het geen probleem, er zijn genoeg mensen om een praatje mee te maken, naast alle bekenden die zich ook op de route bevinden. En gelukkig kan ik ook prima "alleen" wandelen. Voor ik aansluit in de rij, neem ik een kopje thee. Na het officiële startschot sluit ik aan en voor ik het weet ben ik door de start. Mijn 12e N4D gaat beginnen.
Ik geniet van de studenten die ons uitzwaaien, eerst op de Wedren en daarna bij het Valkhof. Ik geniet van het geroezemoes in het wandelpeloton, verwachtingsvol en gespannen, en vooral geniet ik als ik de Waalbrug bereik, voor mij begint de N4D pas echt op de Waalbrug.
Halverwege de Waalbrug is dat genieten ineens voorbij. Ik voel een enorme steek onder de grote teen van mijn rechtervoet, die ik bij elke stap die ik verder zet voel. Nu is er op de Waalbrug geen gelegenheid om even stil te gaan staan, dus ik moet door. Doorlopen lukt alleen als ik mijn voet niet goed neerzet en mijn grote teen ontzie. Er schiet van alles door mijn hoofd. Zal mijn 12e N4D al eindigen op de Waalbrug, met deze teen kan ik echt niet doorlopen, ik ben verdorie nog geen half uur onderweg, dit slaat nergens op, en zo loop ik door over de Waalbrug. Ik ben blij als ik de Lentse Warande bereik en dus kan gaan zitten om mijn teen te inspecteren.
Ik trek mijn schoen en sok uit en zie tot mijn verbazing een grote stekel in mijn teen zitten. Hoe is dat ding in hemelsnaam in mijn schoen terecht gekomen? Nou ja, daar maak ik me niet al te druk over, ik ben blij dat ik iets kan doen aan het euvel en trek de stekel uit mijn teen en dan blijkt dat het echt een grote stekel is, want mijn teen begint behoorlijk te bloeden. Gelukkig ben ik op (bijna) alles voorbereid en heb ik pleisters in mijn tas zitten.
Terwijl ik op zoek ben naar de pleisters hoor ik mijn naam en er wordt vanuit het wandelpeloton naar mij gezwaaid, ik zwaai terug. Vanuit mijn ooghoek zie ik iemand aankomen die niet in de meute meeloopt, maar vlak langs de rand waar ik zit. Als ik die persoon aankijk, zie ik dat het Annemiek is. Annemiek is een bikkel die ondanks sarcoïdose en dunne vezelneuropathie (DVN) de N4D loopt. ik ken haar dan ook via de Sarcoïdose Belangenvereniging Nederland. Annemiek heeft het stokje wat betreft sponsoring van mij overgenomen en loopt dit jaar de N4D voor de SBN.
Als ik Annemiek aanspreek besluit ze om op mij te wachten, zodat we samen een stuk verder kunnen lopen. Ik plak een pleister onder mijn teen, met de gedachte om die later weer te verwijderen, controleer sok en schoen en trek vervolgens beide weer aan. We kunnen, tot mijn grote vreugde, weer verder.
Man, man, wat hebben we veel te bespreken, het is geen moment stil terwijl we verder lopen. En dan hebben we het echt niet alleen over die vervelende ziekte, eigenlijk vooral niet. We hebben het over genieten, genieten van het feit dat we hier lopen, genieten van gezin, genieten van een dagje weg, genieten van de goede dingen die het leven biedt. Natuurlijk komt er ook een stukje angst ter sprake. Bij Annemiek de angst dat har lijf haar in de steek aan het laten is. De vraag of dat gevoel in haar voet bij het wandelen hoort of dat de DVN nu toeslaat of de angst dat de sarcoïdose steeds meer van haar energie wegneemt. Bij mij de angst dat Manlief zichzelf niet meer zou kunnen redden thuis, de angst dat hij niet meer thuis zou kunnen wonen of dat hij valt en iets breekt. Prachtige gesprekken, waarbij vooral de positiviteit overheerst.
Nog mooier wordt het gesprek als een medewandelaar zich in het gesprek mengt. eerst in verband met de Drentsche vlag die aan mijn tas hangt, maar daarna over de sarcoïdosevlag die aan de tas van Annemiek hangt. De beste man is zeer belangstellend en wij kunnen hem iets vertellen over die rare ziekte die sarcoïdose is.
Als we Oosterhout bereiken raken we deze meneer kwijt in de drukte. Eenmaal in Oosterhout bezoeken Annemiek en ik eerst een toilet, gelukkig is de rij niet zo lang, maar een bakkie slaan we nog even over.
Het plan is om in Slijk-Ewijk het dorpshuis te bezoeken. Voor we daar zijn tref ik Trudy langs de weg. Zij heeft jaren in "de bocht" in Slijk-Ewijk gestaan tot dat i.v.m. haar gezondheid en door veranderende omstandigheden niet meer lukt en nu is ze er weer. Wat een feest om haar daar te zien. Als we met Trudy staan te praten, komt het V-team langs en het team slaat af naar het dorpshuis waar wij heen wilden. Ehhh, dat wordt druk. Gelukkig vinden we een andere optie voor een bakkie via forumlid Postmuts. We zeggen Trudy gedag (nadat ik een zwart-witbal heb gescoord) en genieten van ons bakkie.
Na het bakkie gaan we op naar Elst. We blijven maar praten en praten, zo bijzonder dat je zo'n band hebt met iemand die je slechts enkele keren kort hebt gesproken. Tijdens het lopen heeft Annemiek contact met haar man, die 30 km loopt en ik met de Wandelkerel op de 50 km en met Wandelmams (in het gezelschap van Albert) op de 30 km. We doorkruisen Valburg en we besluiten om het toiletbezoek daar over te slaan vanwege de enorme rij die daar staat.
Even later krijg ik daar toch een beetje spijt van. Ik moet en de nood wordt steeds hoger. Bosjes en struiken zijn er niet en de huizen waar mensen voor zitten, staan zo ver van de weg dat ik er vanaf zie om te vragen of ik gebruik mag maken van het toilet. En dan is er, net voor Elst, de Oase. En tegenover de Oase is een zijstraat met bosjes...…. Pfffff!!! we strijken neer in de Oase, waar ik geniet van een kop hanensoep en Annemiek het houdt bij een bakkie koffie. Wat een genot om weer in de Oase te zijn. Ik rits mijn broekspijpen af, de temperatuur is dusdanig dat een korte broek kan, en ik verwijder de pleister van mijn gekwetste teen. Na het verorberen van de consumpties gaan Annemiek en ik verder.
In had Annemiek al gewaarschuwd dat Elst veel tijd zou kosten, omdat daar veel bekenden zijn, en dat klopt, want Dr. Pain kan ik natuurlijk ook niet zomaar voorbij lopen. na een dikke knuffel maakt hij kennis met Annemiek en even later ligt Annemiek bij Dr. Pain op de tafel. Dr. Pain laat Annemiek, na een massage, kennis maken met een andere manier van veteren en vol energie gaan we weer verder. We genieten van de drukte in Elst.
Na Elst blijkt dat we redelijk in de achterhoede terecht zijn gekomen, het is heerlijk rustig op de weg. We hebben alle ruimte om ons tempo weer op te pakken en de kilometers vliegen onder onze voeten door. We nemen nog een sanitaire stop voor de Rijkerswoerdse plassen voor we op weg gaan naar Bemmel. De Wandelkerel loopt voor op ons, evenals de man van Annemiek. Daarnaast lijkt het erop dat Mams en Albert redelijk gelijk oplopen met ons.
Ons gelijk blijkt even later als de man van Annemiek aangeeft dat hij de samenkomst van de 30 en 40 km heeft bereikt. Hij zal daar wachten. Ook de Wandelkerel geeft zijn locatie door en hij blijkt zo'n 3 km voor ons te lopen. Waar Mams en Albert zijn is niet helemaal duidelijk, maar bij het punt waar de 30 en 40 km samenkomen is die onduidelijkheid ook weg, we lopen elkaar letterlijk tegen het lijf. Hadden we het ooit zo willen plannen, was het nooit gelukt. Met zijn vieren lopen we nog een klein stukje door, tot Annemiek haar man treft. Albert, Mams en ik besluiten om naar de rustpost van de KWBN te gaan, terwijl Annemiek met haar man doorloopt. Het was geweldig om zo'n stuk met haar op te lopen.
Op de KWBN-post treffen we onder andere Charlotte, Aike en Carola. Die hele N4D blijft toch een treffen van bekenden. Na een rust en een sanitaire stop voor Mams en mij gaan we met zijn drieën weer verder, op naar Bemmel. we raken in gesprek met een rolstoeler, die met "mountainbikebanden" rolt. Nu hebben rolstoelen altijd mijn speciale aandacht en deze dus helemaal. Ik word een heleboel wijzer, maak een notitie in mijn telefoon, en dan gaan we weer door.
In Lent belopen we de Via Begonia en krijgen we het bericht dat de Wandelkerel binnen is. Gelukkig is deze dag voor hem goed verlopen. Dit in tegenstelling tot vorig jaar, toen hij een beroerde eerste dag (eigenlijk een compleet beroerde N4D) heeft gelopen.
Na Lent steken we de Waalbrug over, gelukkig voor mij zonder de problemen van vanmorgen. Bij oversteek van de Oranjesingel richting de Wedren test ik mijn nieuwe fototoestel en maak een "selfie" van Albert, Mams en mijzelf en dan zijn we binnen, net na half 4.
Ik heb een heerlijke wandeldag gehad. Ik ben blij dat het euvel van vanmorgen simpel opgelost kon worden en ik verheug me nu al op de dag van morgen.
's Avonds op de camping bevestigt Dochterlief mijn gevoel. Ze zegt: "Mam, volgens mij ben je nog superfit. Ik heb je weleens heel anders gezien na een wandeldag." Ze heeft volkomen gelijk. Ik hoop dat ik me deze N4D net zo blijf voelen als vandaag. Dat is toch niet teveel gevraagd na die vele moeizaam verlopen N4D's in het verleden.
Waar ik dit blog ooit begonnen ben om te vertellen hoe de weg van de Wandelkerel naar zijn eerste 4Daagse verliep, is het intussen een kroniek geworden van een een gezin dat in stormachtig weer is beland, maar dat overeind is gebleven en volop geniet van elkaar en het leven. Ik hoop dat jullie mee genieten van de grote en kleine dingen die ons leven leuk maken.
Naar Purper:
JE MOET ZEILEN OP DE WIND VAN VANDAAG. DE WIND VAN GISTEREN HELPT JE NIET VOORUIT, DE WIND VAN MORGEN BLIJFT MISSCHIEN WEL UIT! tekst en uitvoering: PURPER
Ik hou van motto's, hoewel ik niet iemand ben die ze zelf verzint. Liever zoek ik naar bestaande motto's die aansluiten bij mijn (manier van) leven. De tekst van Purper is al sinds jaren mijn handelsmerk, maar sinds ons bezoek aan de musical "Soldaat van Oranje" is daar een tweede motto aan toegevoegd: Morgen is Vandaag! Eigenlijk zeggen beide motto's hetzelfde. Geniet nu, leef nu, doe nu!!! En dat blijf ik proberen!!!!!
Ik hou van motto's, hoewel ik niet iemand ben die ze zelf verzint. Liever zoek ik naar bestaande motto's die aansluiten bij mijn (manier van) leven. De tekst van Purper is al sinds jaren mijn handelsmerk, maar sinds ons bezoek aan de musical "Soldaat van Oranje" is daar een tweede motto aan toegevoegd: Morgen is Vandaag! Eigenlijk zeggen beide motto's hetzelfde. Geniet nu, leef nu, doe nu!!! En dat blijf ik proberen!!!!!
dinsdag 16 juli 2019
maandag 15 juli 2019
Op weg naar de 4Daagse
Hoewel we al op vrijdag geïnstalleerd waren op de 4Daagsecamping, begon het echte 4Daagsegevoel pas op zondag, de dag dat we de startbewijzen gingen ophalen. Ook dit jaar moesten we ons alle drie bij een verschillende afstand aanmelden, dus nadat we een ontmoetingspunt hadden afgesproken. gingen we uiteen. Dochterlief, die dit jaar een aantal dagen gaat helpen in de verzorging, ging met haar broer mee.
Ik stond in de rij bij de 40km Wandelschoen en daar was het flink druk, drukker dan bij de Gladiolen. Dat had als gevolg dat diverse mensen (Gladiolen) tussen de rijen doorliepen om bekenden die in de rij stonden bij de Wandelschoen op te zoeken. Het ging dus lekker chaotisch.
Ik maakte me niet druk, maar schoof gewoon stukje bij beetje vooruit. Bij de controle van mijn inschrijvingsbewijs en ID-kaart werd ik aangesproken door de vrouw die deze controle deed, ze gaf aan mij te kennen. in eerste instantie dacht ik dat het door "Laat mij maar lopen" zou komen, maar dat bleek niet het geval. Ze kende mij van de middelbare school. Ik herkende haar niet, maar aangezien ze de naam van de school wist te noemen en de periode waarin ik daar verbleef kan het niet anders dan kloppen. Toch grappig zo'n moment.
Nadat ik mijn polsbandje om had, ging ik naar ons ontmoetingspunt en daar bleek ik de eerste te zijn, gelukkig kreeg ik al snel gezelschap van Mams en Ate, die zich ook net had ingeschreven. We moesten nog even wachten op de Wandelkerel en Dochterlief en toen was het tijd voor de traditionele foto. We mogen weer meedoen!!!!
We liepen een rondje over de Wedren om vervolgens neer te strijken op een terras om wat te drinken. We besloten om te wachten op de Vlaggenparade en de officiële opening. De Vlaggenparade was er sneller dan we verwachtten, maar gelukkig vonden we nog een plekje langs de weg.
Nadat de laatste vlaggendragers voorbij waren, staken we over voor de officiële opening. We kwamen wat achteraan te staan, dus zocht Dochterlief het hogerop. Na de opening zeiden we Ate gedag, we zouden hem vast nog wel zien de komende dagen, en stapten we met zijn vieren op de fiets om terug te gaan naar de camping.
Maandagmorgen wilden Mams en ik naar de herdenking op de Canadese begraafplaats in Groesbeek. De jeugd had hier geen zin en bleef lekker op de camping. Mams en ik gingen op de fiets en ik was stiekem blij dat ik de fiets van Paps (die zelf naar huis was, maar zijn fiets had achtergelaten) met elektrische ondersteuning mocht gebruiken. Dat fietste toch iets makkelijker de heuvels op. Ook hier troffen we Ate weer en samen liepen we de begraafplaats op. Op de begraafplaats zagen we nog meer bekenden en gezamenlijk woonden we de herdenking bij.
Er werd door diverse mensen gesproken en er werden namens diversie organisaties en instanties kransen gelegd. Op een bepaald moment gebeurde er even helemaal niets. De verwachting was dat de doedelzakspeler zou gaan spelen, maar hij leek nog ergens op te wachten. Waar hij op wachtte werd even later duidelijk. Er vlogen drie straaljagers recht over het middenpad van de begraafplaats, een kippenvelmoment, zeker toen daarna de doedelzak klonk.
Na afloop praatten we nog even na en toen stapten Mams en ik weer op de fiets, terug naar de camping. Onderweg deden we nog even boodschappen, zodat we in principe alles in huis hadden om de komende dagen door te komen. Op de camping troffen we twee uitgeruste pubers aan, die zich prima vermaakten met spelletjes doen.
Na de lunch ging het weer richting Nijmegen. Eerst een bezoekje aan de Jacobskapel, waar we kaarsjes aanstaken voor al die mensen die dat nodig hebben en daarna door naar de Wedren voor de zogenaamde "blauwe maandag", de gelegenheid om al die wandelvrienden uit het land weer te ontmoeten. We sloten af met een zak patat, omdat dat volgens de Wandelkerel bij de tradities hoorde en ja, tradities moet je in ere houden.
Eenmaal terug op de camping wachtte Dochterlief nog een taak, nagels lakken. De buurvrouwen en de buurmannen wilden gelakte nagels, net zoals ze bij zichzelf, Mams en mij al had gedaan. Ze wist alleen haar broer niet over te halen om zijn nagels te laten lakken.
Na het eten maakten we alles in orde om morgen te kunnen te starten. Kleding, startkaarten, waterzakken, brood, ander voedsel, bidons, wekkers en noem maar op. In de loop der jaren is het steeds minder een zenuwengedoe en daarom was er na dit gebeuren nog tijd om rustig een bakkie te doen, terwijl de Wandelkerel een potje schaak speelde met de buurman. Ik geloof dat we klaar zijn voor 4 dagen wandelen.
Ik stond in de rij bij de 40km Wandelschoen en daar was het flink druk, drukker dan bij de Gladiolen. Dat had als gevolg dat diverse mensen (Gladiolen) tussen de rijen doorliepen om bekenden die in de rij stonden bij de Wandelschoen op te zoeken. Het ging dus lekker chaotisch.
Ik maakte me niet druk, maar schoof gewoon stukje bij beetje vooruit. Bij de controle van mijn inschrijvingsbewijs en ID-kaart werd ik aangesproken door de vrouw die deze controle deed, ze gaf aan mij te kennen. in eerste instantie dacht ik dat het door "Laat mij maar lopen" zou komen, maar dat bleek niet het geval. Ze kende mij van de middelbare school. Ik herkende haar niet, maar aangezien ze de naam van de school wist te noemen en de periode waarin ik daar verbleef kan het niet anders dan kloppen. Toch grappig zo'n moment.
Nadat ik mijn polsbandje om had, ging ik naar ons ontmoetingspunt en daar bleek ik de eerste te zijn, gelukkig kreeg ik al snel gezelschap van Mams en Ate, die zich ook net had ingeschreven. We moesten nog even wachten op de Wandelkerel en Dochterlief en toen was het tijd voor de traditionele foto. We mogen weer meedoen!!!!
We liepen een rondje over de Wedren om vervolgens neer te strijken op een terras om wat te drinken. We besloten om te wachten op de Vlaggenparade en de officiële opening. De Vlaggenparade was er sneller dan we verwachtten, maar gelukkig vonden we nog een plekje langs de weg.
Nadat de laatste vlaggendragers voorbij waren, staken we over voor de officiële opening. We kwamen wat achteraan te staan, dus zocht Dochterlief het hogerop. Na de opening zeiden we Ate gedag, we zouden hem vast nog wel zien de komende dagen, en stapten we met zijn vieren op de fiets om terug te gaan naar de camping.
Maandagmorgen wilden Mams en ik naar de herdenking op de Canadese begraafplaats in Groesbeek. De jeugd had hier geen zin en bleef lekker op de camping. Mams en ik gingen op de fiets en ik was stiekem blij dat ik de fiets van Paps (die zelf naar huis was, maar zijn fiets had achtergelaten) met elektrische ondersteuning mocht gebruiken. Dat fietste toch iets makkelijker de heuvels op. Ook hier troffen we Ate weer en samen liepen we de begraafplaats op. Op de begraafplaats zagen we nog meer bekenden en gezamenlijk woonden we de herdenking bij.
Er werd door diverse mensen gesproken en er werden namens diversie organisaties en instanties kransen gelegd. Op een bepaald moment gebeurde er even helemaal niets. De verwachting was dat de doedelzakspeler zou gaan spelen, maar hij leek nog ergens op te wachten. Waar hij op wachtte werd even later duidelijk. Er vlogen drie straaljagers recht over het middenpad van de begraafplaats, een kippenvelmoment, zeker toen daarna de doedelzak klonk.
Na afloop praatten we nog even na en toen stapten Mams en ik weer op de fiets, terug naar de camping. Onderweg deden we nog even boodschappen, zodat we in principe alles in huis hadden om de komende dagen door te komen. Op de camping troffen we twee uitgeruste pubers aan, die zich prima vermaakten met spelletjes doen.
Na de lunch ging het weer richting Nijmegen. Eerst een bezoekje aan de Jacobskapel, waar we kaarsjes aanstaken voor al die mensen die dat nodig hebben en daarna door naar de Wedren voor de zogenaamde "blauwe maandag", de gelegenheid om al die wandelvrienden uit het land weer te ontmoeten. We sloten af met een zak patat, omdat dat volgens de Wandelkerel bij de tradities hoorde en ja, tradities moet je in ere houden.
Eenmaal terug op de camping wachtte Dochterlief nog een taak, nagels lakken. De buurvrouwen en de buurmannen wilden gelakte nagels, net zoals ze bij zichzelf, Mams en mij al had gedaan. Ze wist alleen haar broer niet over te halen om zijn nagels te laten lakken.
Na het eten maakten we alles in orde om morgen te kunnen te starten. Kleding, startkaarten, waterzakken, brood, ander voedsel, bidons, wekkers en noem maar op. In de loop der jaren is het steeds minder een zenuwengedoe en daarom was er na dit gebeuren nog tijd om rustig een bakkie te doen, terwijl de Wandelkerel een potje schaak speelde met de buurman. Ik geloof dat we klaar zijn voor 4 dagen wandelen.
Labels:
dochterlief,
ikzelf,
wandelen,
Wandelkerel,
Wandelmams
Abonneren op:
Posts (Atom)







