Naar Purper:


JE MOET ZEILEN OP DE WIND VAN VANDAAG. DE WIND VAN GISTEREN HELPT JE NIET VOORUIT, DE WIND VAN MORGEN BLIJFT MISSCHIEN WEL UIT! tekst en uitvoering: PURPER

Ik hou van motto's, hoewel ik niet iemand ben die ze zelf verzint. Liever zoek ik naar bestaande motto's die aansluiten bij mijn (manier van) leven. De tekst van Purper is al sinds jaren mijn handelsmerk, maar sinds ons bezoek aan de musical "Soldaat van Oranje" is daar een tweede motto aan toegevoegd: Morgen is Vandaag! Eigenlijk zeggen beide motto's hetzelfde. Geniet nu, leef nu, doe nu!!! En dat blijf ik proberen!!!!!

vrijdag 26 februari 2021

NoorderRondTochten dag 2, route 1

Vandaag was ik wat minder vrij in het opstaan- en vertrekgebeuren, ik moest een trein halen, want mijn startpunt vandaag was station Groningen. En omdat Arriva een zeer gewaardeerd sponsor is van de NRT kon ik dat station kosteloos bereiken per trein, mijn startkaart was ook geldig als treinticket. Ik liep dus naar station Winsum om vandaaruit lui onderuit gezakt naar Groningen te reizen. Ik probeerde nog even om een startstempel te scoren, maar een blik op de routebeschrijving leerde mij dat station Groningen geen startstempel had.

Vanaf het station ging het langs het Groninger museum, waar nog steeds een tentoonstelling over de Rolling Stones is. Voorbij het museum werd ik naar rechts gestuurd, waar ik vervolgens (bijna) blindelings rechtdoor kon lopen, met het water aan mijn rechterhand. Ik moest alleen af en toe van mijn rechte baan afwijken om een brug te kunnen nemen in plaats van te moeten zwemmen.







Helaas kwam ik net te vroeg bij het Loopsportcentrumcentrum Noord, zij zouden vanaf negen uur geopend zijn en ik was er voor negen uur. Gelukkig stond er wel een Dixie voor het pand, zodat ik deze keer niet genoodzaakt was om terug te vallen op een groen toilet. 




Ik vervolgde mijn weg en kwam al snel op het fietspad langs het Eemskanaal. Toen ik hier liep moest ik denken aan wandelvriend Martin, die een enorme fascinatie heeft voor wandelen langs water. Ik maakte dan ook een foto en stuurde die aan hem met de mededeling dat het uitzicht mij aan hem deed denken.


Vandaag had ik ook een date. Ik had afgesproken om een deel van de route te lopen met een "bekende onbekende" of een "onbekende bekende", dat is net hoe je het bekijkt. Het komt erop neer dat Roelie en ik elkaar kennen van naam, dat we wederzijdse kennissen hebben, maar dat we elkaar nog nooit hebben ontmoet. En daar zou vandaag verandering in komen. Op het moment dat ik het Eemskanaal verliet, zou ik haar bellen en dan zouden we elkaar treffen bij de rust bij het ijsbaangebouw in Lageland. En zo geschiede.







Bij het ijsbaangebouw was Roelie druk in gesprek met Alie en Herman, broer en zus op een respectabele leeftijd en bekenden van Roelie. Na een eerste korte kennismaking maakte ik gebruik van het toilet en daarna genoot ik van een bakkie thee voor Roelie en ik verder gingen. In de verte voor ons uit zagen we Alie en Herman, wederom een mooi richtpunt. Hoewel, de eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik last kreeg van "oude" wandelkwaaltjes, op dit moment vooral in de vorm van blaren. En hoewel ik erop gerekend had dat deze 4Daagse wat van mij zou vragen, had ik niet gerekend op blaren en al helemaal niet op blaren op de plekken waar ze nu ontstonden. Maar goed, ik weet dat voor mij geldt dat doorlopen de beste optie is bij blaarvorming, dus dat deed ik dan ook.

En gelukkig klikte het enorm tussen Roelie en mij, dus afleiding was er voldoende. Zeker omdat deze etappe een thuiswedstrijd was voor Roelie en zij mij dus enorm veel kon vertellen over de omgeving en de ontwikkeling daarvan in de afgelopen jaren. En al druk pratend bereikten we Bed en Breakfast Het Tolhuis, waar we neerstreken voor een pauze. Ook hier troffen we Alie en Herman weer. Na weer een gezellig praatje met hen, vertrokken zij net voor ons aan richting Schildmeer.









Na deze rust stuurde de officiële route ons langs de doorgaande weg, maar Roelie wist een alternatief over een dijk langs het water. Daar was ik direct voor, over het algemeen zijn alternatieven van doorgaande wegen altijd leuker. Dat was ook nu het geval. Nou ja, in ieder geval zijn alternatieven altijd leuker als het gaat om het uitzicht. Voor voeten die denken dat blaarvorming ook deel uitmaakt van wandelen is zo'n alternatief vaak iets minder, in ieder geval volgens mijn blaarvormende voeten wel.....

Maar dat mocht de pret niet drukken, na een kort werkoverleg, vinden wij (Roelie en ik) het allebei nog leuk om samen door te lopen (ja dus), ging het weer verder over gebaande wegen richting e om het Schildmeer, Groningen op zijn best!!!






Na de rust bij het Schildmeer zou Roelie haar weg vervolgen in de richting van haar huis en ik zou mijn vervolgen richting het station van Appingedam. Voor ons allebei was dat ongeveer even ver lopen. Bij de rust bij het Schildmeer troffen we Alie en Herman weer. Ik zou even gebruik maken van het toilet aldaar (ja, ik ben nu eenmaal een zeikwijf), ondertussen zouden de andere drie een bankje zoeken voor een koffiepauze.

Toen ik van het toilet kwam, zag ik ze in de verte lopen, op zoek naar een bankje uit de wind. Dat bankje werd uiteindelijk gevonden, ruim voorbij het Schildmeer en een stuk verder van huis voor Roelie. Maar hé, we zaten uit de wind, we hadden een lekker bakkie en elkaars gezelschap, het kan minder.

Na deze pauze ging Roelie weer richting huis, maar niet nadat ik haar bedankt had voor haar gezelschap. Zo fijn dat er in deze coronatijd toch ruimte was voor nieuwe ontmoetingen.



In het gezelschap van Herman en Alie begon ik aan de laatste kilometers van vandaag, nog een stuk of zeven richting Appingedam. Nadat we Steendam hadden verlaten kreeg de wind flink vat op ons en al snel trok ik dan ook mijn vest weer aan, de wind was echt koud.

Na het bord bebouwde kom Appingedam werd ik verrast door het feit dat er nog de nodige industriële sporen te vinden waren, diverse restanten van oude strokartonfabrieken.



Bij de AH konden we een traktatie ophalen, dat deden we dus ook. We kregen een tasje met diverse lekkernijen. Voor mij begin de tijd te dringen, ik wilde graag de trein halen, niet halen betekende een half uur wachten. Herman stelde mij gerust, ik zou het zeker halen en hij wees mij ook nog eens de goede richting.

En dan blijkt maar weer dat wijsheid met de jaren komt, want Herman had helemaal gelijk, ik bereikte ruim station Appingedam, ik had zelf nog tijd om vanaf het perron te zwaaien naar Herman en Alie, zij hadden een privé-taxi vanaf dit eindpunt.


De terugreis vergde nog wel wat van mij. Ik moest overstappen in Sauwerd en daar had ik vijf minuten voor. Klinkt reëel toch? Dacht ik ook. Maar als je het perron moet verlaten, een spoorwegovergang moet oversteken, een volgend perron weer moet betreden (omhoog), terwijl er tussendoor nog en trein passeert, dan is dat best een uitdaging als je voeten zeer doen. Gelukkig lukte het wel binnen het tijdsbestek.

Bij terugkomst in het tijdelijk onderkomen bleek de schade groter dan gedacht, man, wat een blaren. Na prikken, ontsmetten, douchen, ontsmetten, open lucht en afplakken ging ik op tijd naar bed. Nog twee dagen te gaan!!!






donderdag 25 februari 2021

NoorderRondTochten dag 1, route 4

Na tijden niet georganiseerd te hebben gewandeld, startte ik vandaag aan de NoorderRondTochten, een  coronaproof georganiseerde 4Daagse, verdeeld over vijf weekenden en met elke dag wandelaars op vier verschillende routes. Dat leidde ertoe dat er per dag maximaal 25 wandelaars op één route actief waren. Ik mocht  beginnen met route vier, de langste van allemaal, van Winsum naar Zoutkamp en weer terug.

Ik moet zeggen dat ik best een beetje opzag tegen deze afstand, ik zou niet weten wanneer ik voor het laatst meer dan dertig kilometer gewandeld heb en de dertig kilometer heb ik sinds juli 2020 ook nog maar twee keer aangetikt. Maar goed, ik wilde vooral gaan genieten, even de drukte en hectiek van lesgeven in de huidige wereld loslaten en teruggeworpen worden op mijzelf.

Ik verliet tegen kwart voor acht mijn tijdelijke onderkomen in Winsum en ik liep eerst de verkeerde kant op, want ik wilde per se de startstempel van het station in Winsum. Onderweg waren er namelijk diverse locaties waar je digitaal kon stempelen en de eerste van vandaag was op het station. Op de terugweg zou ik niet helemaal naar het station hoeven te lopen omdat mijn tijdelijk onderkomen langs de route ligt en ik nu dat stukje al gelopen had.

Op mijn weg naar het station kwam ik twee dames tegen die de tegengestelde kant opliepen, zij waren dus al begonnen aan de etappe van vandaag. Bij de opkomende zon maakte ik in Winsum zelf nog wat foto's en even later liep ik weer langs het punt waar ik gestart was. Ik zwaaide in gedachten nog even naar Dochterlief, die nog heerlijk lag te slapen daar: "Tot vanmiddag, meissie!"






Al snel liet ik Winsum achter me, ik herkende de plek waar in september 2018 de starttent van de Tocht om de Noord stond, ook toen verbleef ik in Winsum, alleen waren er toen veel meer mensen. Net na deze plek was er een splitsing in de route, of een splitsing datzelfde stukje zou ik vanmiddag ook weer lopen, ik moest dus even goed kijken of ik links- of rechtsom moest. Gelukkig hadden de routebouwers hier ook over nagedacht en hing er keurig een aanwijzing aan de brug. Mijn schaduw liep voor mij uit en dat bleef hij doen tot Mensingeweer. Hier was een digitale stempelpost, dus stempelen, en toen liep ik weer door. 

Bij het verlaten van Mensingeweer zag ik in de verte de twee dames die ik op weg naar het station was tegenkomen, zij vormden een mooi richtpunt voor mij. En dat richtpunt bleven zij tot Wehe den Hoorn. Daar was een digitale stempelpost, met de mogelijkheid tot een fysiek stempel en een kopje thee. Ik maakte van beide gebruik. Ik kletste even met de dames die ik als richtpunt had gebruikt en toen ging ik weer door, ik had nog meer dan genoeg kilometers te gaan.










Na dit bakkie kon ik er weer even tegen, zeker toen de route even later over prachtig pad langs de Hoornse Vaart ging. Wat genieten van de omgeving en het mooie weer. Ondertussen kreeg ik langzaam behoefte aan een sanitaire stop, maar ik miste de Dixie die op de routebeschrijving stond aangegeven, ik werd dus gedwongen tot een groen toilet. Gelukkig was daar gelegenheid toe.

Ik bleef langs het water lopen, waar nu vooral veel vissers te vinden waren. Ik probeerde mij voor te stellen dat daar kort geleden nog geschaatst werd, bijna niet te geloven. Via een onverhard pad langs het Hunsingokanaal bereikte ik Ulrum. Daar streek ik even neer op een bankje om een hapje te eten. Omdat het toch nog wel wat fris was om buiten stil te zitten, duurde deze rust niet zo lang, maar ik had in ieder geval weer voedsel binnen. Ik slingerde door Ulrum en aan het einde van de bebouwde kom stond dat ik richting Zoutkamp ging. Het uiterste puntje van de route kwam langzaam in zicht.












Op weg naar Zoutkamp vond ik een happystone op een ANWB-paddenstoel. Ik twijfelde, wel meenemen, niet meenemen, wel, niet, wel, niet, ....... Het werd wel.



Met een flinke boog bereikte in Zoutkamp, waar in de plaatselijke Spar een traktatie op mij zou wachten. Nou dat was zeker het geval. Ik kreeg een bak snert, een krentenbol en bij het naar buiten gaan nog een stuk fruit. Pure verwennerij dus. Ook kreeg ik hier alvast mijn medaille, dat voelde toch wel raar, halverwege de eerste dag al de eindbeloning krijgen. Nog drie-en-halve dag te gaan voor de medaille verdiend zou zijn.










Ik liet de Spar en de overige wandelaars weer achter om te starten met de terugweg. Ik had mijn vest uitgedaan, het zonnetje scheen zo lekker dat ik het simpelweg warm had, maar jammer genoeg kregen de wolken weer de overhand, zodat er niets anders op zat dan mijn vest weer aandoen. Na Niekerk volgden twee lange rechte wegen, bij elkaar drie kilometer. Dat was een kwestie van blik op oneindig en verstand op nul, de benen gingen gestaag vooruit, de gedachten kronkelden alle kant op. En dat was nou precies wat ik nodig had. Het voelde geen moment eenzaam of vervelend, ik had precies genoeg aan mijzelf. En dat is ook wel eens fijn om te constateren.





Toen ik eenmaal op het pad richting Waddenfun liep, keek ik toch wel uit naar de rust daar, een binnenrust, dus even ergens lekker uit de wind kunnen zitten. Jammer genoeg bleek Waddenfun dicht te zijn, dus het weer een buitenbankje, met een eigen hapje en drankje. Toen ik weer opstartte, voelde ik onder een van mijn tenen, een zogenaamde probleemteen, een blaar zitten. Nou ja, gewoon doorlopen, het wordt vanzelf minder (of erger).


Ik belde Dochterlief, zij zou mij het laatste stukje tegemoet komen lopen, voor die allerlaatste loodjes. Helaas ging het met de probleemteen helemaal mis. De blaar knapte en ik voelde van alles schuiven en dat werd pijnlijk. Er was geen bankje in de buurt te spotten, dus er zat niets anders op dan een plekje te zoeken in de berm om de hoognodige EHBB te verlenen. Gelukkig bleek de behandeling goed gelukt, bij het verder lopen had ik geen last meer van die plek.




Ik trof Dochterlief bij Schaphalsterzijl en met zijn tweetjes liepen we het laatste stuk. Net voor Winsum kwam er een gezin de route van het Pieterpad aflopen en we raakten in gesprek. Dit gezin was vandaag gestart met het Pieterpad en zij hadden met hun kinderen van acht en vijf de eerste etappe van twaalf kilometer gelopen. Een superprestatie van deze twee kinderen. Toen het oudste kind hoorde dat ik ruim veertig kilometer had gelopen, zei ze dat zij "maar" twaalf" had gelopen. Dat "maar" hebben we haar snel uit het hoofd gepraat.

Eenmaal weer in Winsum was ik blij dat ik niet meer helemaal naar het station hoefde, mijn route stopte net iets eerder. Na een lekkere douche en een warme maaltijd kon ik niet anders dan trots zijn op mezelf. De langste afstand van de NoorderRondTochten zat erop!