Naar Purper:


JE MOET ZEILEN OP DE WIND VAN VANDAAG. DE WIND VAN GISTEREN HELPT JE NIET VOORUIT, DE WIND VAN MORGEN BLIJFT MISSCHIEN WEL UIT! tekst en uitvoering: PURPER

Ik hou van motto's, hoewel ik niet iemand ben die ze zelf verzint. Liever zoek ik naar bestaande motto's die aansluiten bij mijn (manier van) leven. De tekst van Purper is al sinds jaren mijn handelsmerk, maar sinds ons bezoek aan de musical "Soldaat van Oranje" is daar een tweede motto aan toegevoegd: Morgen is Vandaag! Eigenlijk zeggen beide motto's hetzelfde. Geniet nu, leef nu, doe nu!!! En dat blijf ik proberen!!!!!

zondag 5 juni 2016

Brocken Aufstieg, dag 2

Vandaag gaat de wekker om half vijf. Dat is al een uur later dan gisteren, maar nog steeds erg vroeg. Ook nu horen we de geluiden van de anderen. Deze ochtend is er zelfs nog tijd voor een bakkie koffie of thee. We stappen met zijn allen weer in twee auto's, pikken één van de Duitse wandelaars op (de andere is helaas gisteren uitgevallen) en rijden weer naar Bad Lauterberg. Gelukkig kunnen we de auto vlakbij de start parkeren, dat scheelt aan het einde van de dag weer lopen....

We bezoeken het toilet, kletsen met die ene aanwezige Nederlander die niet tot ons gezelschap behoort, ik probeer een broodje weg te werken en voor we het doorhebben mogen we starten.



In een lange optocht lopen we over een smal paadje richting een brug. Eenmaal de brug over mogen we direct flink klimmen door het dorp. In tegengestelde richting boven ons zien we de voorste wandelaars lopen. Als wij op dat punt zijn, blijkt er een behoorlijke opstopping te zijn. We moeten van een brede weg een smal paadje op en dat kan niet met zijn allen tegelijk. Het paadje is het wachten wel waard, langs rotspartijen aan de rechterhand en een afgrond aan de linkerhand en overal bomen. Wat mooi.






Ondertussen dunt het peloton wat uit en dat loopt toch een stuk prettiger dan in de dichte massa. We volgen dit pad en uiteindelijk komen we uit bij een stuwmeer. We hebben een prachtig uitzicht over het meer en ik neem even een fotomomentje. (En achteraf leen ik ook nog wat foto's.......)







Volgens de stempelkaart die we hadden gekregen zou de eerste rust vandaag op ruim vijf km zijn, maar voor mijn gevoel had ik die afstand al afgelegd, terwijl er nog nergens een rust te bekennen was. Tijd dus om even de GPS te checken! En daar stond inderdaad op dat we al ruim zes km hadden afgelegd. Met mijn gevoel was dus niets mis, maar waar die rust nu bleef?

Ik moest even de knop omzetten voor ik weer kon genieten van de omgeving. niet omdat ik al moe was, maar omdat je er rekening mee houdt dat je kan rusten op een bepaald moment en als dat verandert moet je even schakelen. We liepen op een breed zandpad boven het stuwmeer en we hadden dus een prachtig uitzicht. Ondertussen herhaalde de situatie van gisteren zich, de Wandelkerel ver voor me, Wandelmams een stukje achter me en bij de rust weer bij elkaar. O ja, de rust. Eindelijk waren we daar. Helaas was het erg druk en moesten we in de rij voor de stempel, in de rij voor het drinken, in de rij voor het fruit (bananen helaas op) en in de rij voor het brood. Dat duurde al snel twintig minuten. En toen konden we even zitten op de rand van een brug. Van de groep van negen besloten er vier om hier te stoppen. Nou ja, niet helemaal te stoppen, ze wilden zich naar de laatste rust laten brengen om vervolgens de laatste etappe te lopen.


Vijf vrouw sterk vertrokken voor de tweede etappe van de dag. De Wandelkerel had gevraagd hoe ver de volgende rust was, omdat het de eerste keer ook niet klopte, en volgens de stempelaars zou die op zo'n elf km zitten. In de bergen dus ruim twee uur wandelen voor de boeg. Na een heel klein stukje vlak, gingen we al snel weer flink omhoog. Voor mij zag ik C en de Wandelkerel verdwijnen, achter mij liep Wandelmams. T was iets eerder vertrokken en liep nog iets verder vooruit. Mams vroeg of ik even wilde wachten, de slang van haar waterreservoir zat niet goed en er kwam dus geen water uit. Ik wist het euvel te verhelpen en rustig gingen we weer verder. De Wandelkerel en C waren al ver vooruit en de afstand tussen Wandelmams en mij nam langzaam weer toe.





We bleven stijgen en stijgen en stijgen. Ik liep "alleen" met voor en achter mij her en der wandelaars en natuurlijk af en toe in het gezelschap van één van de mountainbikers die iedere wandelaar goed in de gaten hielden. Net voor de top haalde ik T in, we maakten een kort praatje, maar ik liep zo lekker dat ik snel weer in mijn eigen tempo door ging. Net na de top kwam een lastig stukje. Een smal, modderig paadje met hoogteverschillen en obstakels. Ik was blij dat ik die gehad had, want ik gleed toch twee keer weg. Aan het einde van het paadje trof ik c op een bankje. Zij had een korte pauze genomen en wilde nog wel even wachten op Wandelmams. En dus ging ik weer verder.




Na al dat stijgen, kwam het dalen, daar had ik op gerekend, want de volgend rust was Rinderstall. En dat dalen vond ik toch een stuk minder leuk dan het stijgen. Veel minder leuk, echt, echt veel, veel minder leuk. Tijdens het dalen had ik het vooral heel druk met het niet meer leuk vinden. Dit was een puur mentale kwestie, want het lichaam hield zich prima. Geen last van blaren, of zelfs maar beginnende blaren, geen vervelende spieren of pijnlijke knie, de rugzak goed afgesteld, dus geen zere schouders of nek, alleen mijn hoofd was dwars. En ik dacht er ook geen moment over om te stoppen, ik vond het alleen niet meer leuk. Tot ik onderaan de berg was en een bordje zag met de mededeling dat het nog één km was tot Waldgaststätte Rinderstall. Toen werd het alweer iets leuker.



Bij Rinderstall zat de Wandelkerel op mij te wachten. Hij was ietwat verbaasd dat ik de eerste was die aankwam, want hij had C verwacht. Ik stempelde, nam iets te drinken en ging bij hem zitten. Ik zat net toen ook Wandelmams, T en C arriveerden. Er werd gevraagd of er nog wandelaars met de bus mee wilden, maar dat wilde niemand. Ik wist nog steeds niet of ik het nog wel leuk vond, maar van die bus wist ik héééééél zeker dat ik dat niet leuk zou vinden. C haalde nog even een lekkernij voor zichzelf, Mams, de Wandelkerel, T en ik gingen weer op pad.


Ook na deze rust mochten we direct weer klimmen. Deze keer zelfs heel spannend klimmen. Boomwortels als treden, tussen de bomen door slingerend, grote en kleine stappen en flink steil omhoog. Hijgend kwamen we boven. Hier hielden we een kleine adempauze voor we weer verder gingen. En weer ging het omhoog, nu via een stukje van de Hexen Stieg. Hier was genoeg te zien en te beleven. Ik liep met de Wandelkerel een stukje voor Wandelmams toen C ons bijhaalde. We stonden regelmatig even stil bij de bijzondere dingen die onderweg te zien waren. En zo ging deze etappe best snel voorbij en bereikten we de laatste rust van deze dag, Königskrug.







Vanaf dit punt moesten we nog twaalf-en-halve km naar de top van de Brocken. De inwendige mens werd verzorgd, we maakten gebruik van de sanitaire voorzieningen en gaven onze voeten even rust in de schaduw op een bankje. En toen was het tijd voor de laatste etappe. De Wandelkerel, Wandelmams en ik wilden met zijn drieën de eindstreep over, dus spraken we af om op elkaar te wachten. Maar eerst nog die ruim twaalf km lopen. We kwamen al snel in een stuk bos, waar de bomen dood en kaal waren. later hoorden we dat ze zijn aangetast door een tor of kever. Ondanks, of misschien wel dankzij, die dode bomen zag de omgeving er bijzonder uit.


We stegen en daalden en stegen en daalden en stegen. Er stonden diverse borden om de richting aan te geven, daar werd ook de Brocken op genoemd, maar er stond nog geen afstand bij. Wel werd een Dreieckiger Pfahl genoemd. Volgens mijn berekeningen zat die ongeveer halverwege de laatste rust en de top van de Brocken. Als daar een schaduwplekje was, wilden we daar even zitten. En net voor de Dreieckiger Pfahl stond ook eindelijk de afstand tot de top van de Brocken.



Bij de Dreieckiger Pfahl was een schaduwplekje en daar zaten we even om ons op te laden voor de laatste deel. C ontdekte dat er een cache in de buurt moest zijn en ze ging op jacht om hem te vinden.





Met zijn drietjes gingen we weer op pad. Vol blijdschap zagen we het volgende bordje waarop stond dat we iets meer dan vier km van de finish waren. Het eind kwam in zicht. Opgelucht liepen we verder. Die opluchting was van korte duur, want even later zagen we de Kolonnenweg liggen en die gaat behoorlijk steil omhoog. Tijd dus om elkaar even los te laten, want ons tempo ligt omhoog te ver uit elkaar om samen prettig te kunnen lopen.

Gestaag klommen we door om boven te ontdekken dat we langs de spoorbaan van de stoomtrein stonden. En er kwam net een stoomtrein aan. Dus even stilstaan om te kijken en toen bleek dat op dit punt de treinen elkaar moeten passeren. De spoorbaan is enkelspoor en bovenaan de Kolonnenweg ligt een stukje dubbelspoor. Een mooi moment om foto's te maken.




Na deze klim volgde een pad langs de spoorbaan. Soms een beetje omhoog, soms een beetje omlaag, maar geen spectaculaire hoogteverschillen. Af en toe kwam er een trein voorbij en in de verte zagen we de top van de Brocken. Zo hoog nog......








Eindelijk, eindelijk kwam er een eind aan het pad langs de spoorbaan en zagen we het verlossende bordje: Brocken, 1 km.......


En wat voor kilometer. Het ging nog even steil omhoog, heel steil.... We waren bijna boven toen we geschreeuw hoorden. Het ontvangstcomité stond op ons te wachten. De Wandelkerel nam Wandelmams en mij bij de hand en met zijn drieën, met de handen in de lucht bereikten we de top van de Brocken. Mams en ik met vochtige ogen, de Wandelkerel vol trots. Als jongste deelnemer en ook nog eens als inwoner van het vlakke Nederland had hij deze tocht volbracht. Natuurlijk waren we allemaal trots. Wel of niet de hele tocht gelopen, het is een prachtige prestatie!!!






We krijgen knuffels en schouderklopjes en we melden ons af. We krijgen de beloning en een treinkaartje voor de terugreis, ook vragen we een stempel voor in ons wandelboekje en dan is er even tijd om te genieten. We hebben nog ruim een uur voor de trein vertrekt.








En dan is het tijd voor de terugreis per trein. We zoeken een plekje bij elkaar en genieten van de reis terug. We zien de Kolonnenweg nog een keer en zijn onder de indruk van het feit dat we die bedwongen hebben.










Het laatste stukje naar Bad Lauterberg rijden we met de bus. Eenmaal daar zijn we dubbel blij dat we de auto's dichtbij hebben kunnen parkeren. Na een korte rit en een snelle douche gaan we eten bij een plaatselijk restaurant en daarna gaan we allemaal lekker naar bed. Morgen nog ontbijten met zijn allen en dan wacht de reis terug naar Nederland.

We hebben een fantastische wandeling gemaakt, in fantastisch gezelschap en in een fantastische omgeving. Absoluut geen spijt dat we die kant op zijn gegaan. Ik zeg ook niet dat ik nooit meer die kant op ga, maar voor nu is het mooi genoeg. De Brocken Aufstieg kunnen we bijschrijven!!! Liana, Carola, Carla, Tina, Jos, Jens en Vivian bedankt!!!!

zaterdag 4 juni 2016

Brocken Aufstieg, dag 1

Deze zaterdag rammelt de wekker om half vier. Dat is heel vroeg. Zeker na de dag van gisteren, want gisteren zijn Wandelmams, de Wandelkerel en ik naar Sankt Andreasberg in de Harz gereden. Daar ontmoeten we in ons tijdelijk onderkomen de vijf andere Nederlanders uit ons wandelgezelschap. Even later maken we kennis met twee Duitse wandelaars en met zijn tienen bevolken we de plaatselijke pizzeria. Daar is het uitermate gezellig, maar het eten laat helaas wat lang op zich wachten, zodat we pas om half elf weer richting tijdelijk onderkomen vertrekken. En dan is de wekker 's ochtend som half vier wel heel vroeg.

Langzaam komen we op gang, gesteund door de geluiden die we horen van de gang en uit de andere kamers. Tegen vier uur zitten we in twee auto's. We pikken onze Duitse vrienden op en rijden naar Bad Lauterberg. Daar stappen we in de taxi naar Gottingen, waar de start zal zijn van de Brocken Aufstieg. Een tweedaagse wandeltocht van 87 km in totaal, waarbij de finish is op de hoogste berg van Harz, de Brocken, op 1142 m. Tijdens die 87 km zullen we stijgen en dalen en dat is toch wel wat ons het meeste bezig houdt, dat stijgen en dalen.....

Maar eerst maar eens naar de start. We zijn daar al om kwart over vijf, terwijl de start gepland staat voor zes uur. We zullen ons dus nog even moeten vermaken. Helaas is één van de bussen die wandelaars brengt vanuit Bad Lauterberg vertraagd, zodat pas om kwart over zes wordt begonnen met de officiële opening. De Hollanders worden nog even apart genoemd, het schijnt bijzonder te zijn dat er zoveel Nederlanders aanwezig zijn en uiteindelijk worden we om half zeven losgelaten.








We lopen achter de meute aan en het duurt even voor we doorhebben hoe de route wordt aangegeven. In het bos kunnen er geen pijlen op de grond gezet worden. De oplossing zijn pijlen van houtzaagsel....


In de meute is het wandelgezelschap verdeeld geraakt, maar dat hadden we ook niet anders verwacht, iedereen heeft een ander looptempo. En zo beland ik uiteindelijk ergens in de meute met de Wandelkerel voor mij en Wandelmams achter mij. En dat zal het grootste gedeelte van de dag zo blijven. Ik geniet van de mooie omgeving en moet lachen om de creativiteit van de pijlen makers.








En dan staat er een vlag van de organisatie die aangeeft dat de eerste rust in zicht komt. Bij deze rust zoeken we elkaar weer op. De voorraden worden aangevuld met drinken en fruit en er wordt gebruik gemaakt van de sanitaire voorzieningen. We blijken in de staart van het peloton te lopen, want nog voor iedereen weer zo ver is om te vertrekken wordt de boel weer ingepakt. De Wandelkerel wacht nog even op C, zij kunnen flink tempo lopen, dus ze halen ons wel in, terwijl de rest alweer op pad gaat.

Samen met Wandelmams ga ik weer op pad. Het eerste stukje is vlak, maar even later zien we een berg voor ons verschijnen. Als we een tweede keer kijken, zien we dat er mensen op de top lopen. Oeps, daar moeten wij dus ook heen. Het eerste stukje lopen we nog samen, maar berg op loop ik iets makkelijker, dus ik laat Mams achter me. Even later wordt ik ingehaald door de Wandelkerel, die me in genadeloos tempo voorbij loopt. Bewonderend kijk ik hem na. Wat loop hij toch ongelooflijk makkelijk.







Ook dit stuk loop ik "alleen" tussen alle anderen. Af en toe komt een begeleider op de fiets vragen of alles goed gaat en ik kan niet anders dan beamen dat het zo is. Ik loop heerlijk, hoewel het wel warm aan het worden is. En het shirt met lange mouwen is al uit en de broekspijpen zijn al ingekort. Toch vind ik het prima weer om te lopen tot nu toe. Als ik bovenop een berg loop, zie ik in de verte een geel stipje lopen, de Wandelkerel. Toch wel handig af en toe die felgele shirts. Ik besluit om een ijkpunt te nemen om te kijken hoe ver hij vooruit loopt. Als de Kerel bij een groepje bomen loopt, kijk ik op mijn GPS en als ik bij het groepje bomen ben, kijk ik weer. Hij loopt 650 meter voor mij. Lekker tempo heeft hij.

Vlak na mijn ijkpunt komen we bij de tweede rustpost. Hier krijgen we belegde broodjes, fruit en drinken. Ook hebben we hier de tijd om even te zitten, bij de vorige rust was die er nauwelijks. De Wandelkerel heeft last van hooikoorts en hij is zijn medicijnen vergeten. Al niesend en met rooie ogen zit hij aan tafel. Ook in mijn tas zit geen pil meer voor hem, dus hij moet zo door. Gelukkig had ik hem maar een keer of drie gezegd dat hij moest controleren of hij hooikoortsmedicijnen in zijn tas had...... Nou ja, hij liet zich het brood er niet minder om smaken. Een van onze Duitse vrienden stapt bij deze post uit. Jammer, maar als het niet gaat, kun je ook maar beter stoppen.






Na deze rust gaan we weer verder. Er heerst wat verwarring over wel of niet vertrekken, maar met de Wandelkerel en C vertrek ik toch maar, want ook nu is het overgrote deel van de wandelaars alweer lang en breed vertrokken. We zijn een goeie kilometer op weg als ik zie dat Wandelmams in haar eentje een stuk achter ons loopt. Ik besluit om op haar te wachten, terwijl de Wandelkerel en C doorlopen. Even later worden Wandemams en ik bijgehaald door L, die zich bij ons aansluit. We lopen heerlijk met zijn drieën te kletsen en na een pittige klim en een even pittige afdaling komen we in een dorpje, waar we gelukkig een verwijzing zien naar de volgend rustpost. De Wandelkerel en C zitten daar al op ons te wachten.

We vinden allemaal een plekje om te zitten en te eten. Uiteindelijk missen we nog twee wandelaars uit ons gezelschap. Net voor we besluiten te bellen, komt er één aan de post. De tweede bellen we om te vragen hoe het gaat. Zij geeft aan hier te stoppen en in de bus te stappen. Het warme, benauwde weer doet haar de das om.






We gaan weer verder, maar L moet haar schoenen nog aan doen. Omdat zij over het algemeen een hoger tempo loopt dan Wandelmams en wij, gaan wij alvast op pad. De Wandelkerel houdt het even vol met ons, maar al snel geeft hij weer gas en zien we hem verdwijnen.

We zien L eerst dichterbij komen, maar even later is ze weer verder weg, vast even stilgestaan. Ondertussen stijgt het pad weer behoorlijk en ik loop weer ietsjes uit op Wandelmams. Ineens is L ook weer bij ons en met zijn drietjes dicht bij elkaar in de buurt lopen we door. Volgens de beschrijving die we hebben gekregen is de volgende rust op 7,2 km van de vorige, maar ineens zien we van zaagsel het woord Suppe geschreven staan en zijn we al bij die rust. Maar er zit zeker geen 7 km tussen deze en de vorige rust. Maar soep hebben we wel zin in. Helaas is de soep bijna op en dus moeten we twee kommen soep delen met zij drieën. L wil geen soep en wil ook niet meer verder lopen. Het lichaam protesteert te veel. ook zij gaat verder met de bus. Jammer.....




Na de soep gaan we verder. We lopen langs de bus en even rijdt de bus ons voorbij. We zwaaien naar L, die ons snel vastlegt en dan gaan we verder.



Het stuk dat nu volgt is zwaar. Hier waren we al min of meer voor gewaarschuwd door T, die al vaker de Brocken Aufstieg heeft gelopen. Wat zeker ook niet meewerkt is de felle zon, de hoge temperatuur en het gebrek aan schaduw. Ondertussen beginnen we ook tijdsdruk te voelen. We moeten officieel om vijf uur binnen zijn en het gaat nog een klus worden om dat te halen. Maar gezien het feit dat we vanmorgen ook een half uur te laat gestart zijn, rekenen we wel op enige coulance van de organisatie. Maar eerst maar eens zien dat we bij de laatste rust van deze dag komen. Vanaf hier is het nog 2 km, dus dan kunnen we goed inschatten of we tijd genoeg hebben.

Net voor we bij die rust zijn, krijg ik een berichtje van Manlief. Hij vraagt hoe het gaat en of we het gaan halen. Gelukkig kan ik antwoorden dat het goed gaat, maar ik kan nog niet zeggen of we het gaan halen. Net na half vijf zijn we bij de laatste rust en daar horen we dat we de etappe mogen afmaken. Gelukkig maar.





Nadat we verwend zijn door onze wandelvrienden, die met de bus naar deze rust zijn gereden om daar eventuele uitstappers op te pikken, gaan we op weg voor de laatste 2 km van vandaag. We zwaaien nog een keer naar de mensen op het terras en dan krijgen we de grootste schrik van vandaag. Er wacht ons een steile klim, een hele steile klim.


We zijn nog maar enkele tientallen meters op weg als de Wandelkerel mij om een zakdoek vraagt. Ik wil hem er zelf één laten pakken, maar dat blijkt niet te kunnen, hij heeft een bloedneus. Dus stilstaan, rugzak af, zakdoek pakken, neus dichtknijpen. Gelukkig stopt het bloeden snel en dan kunnen we weer verder. Wandelmams en C zijn dan al uit beeld verdwenen. De Wandelkerel en ik lopen stug door en we zijn blij als we Wandelmams zien staan. Zij is boven en dat we haar zien, betekent dat voor ons ook het eind van de klim in zicht is. In de schaduw van een viaduct snuit de Wandelkerel voorzichtig zijn neus, zodat hij weer lucht heeft en dan besluiten we om met zijn drietjes naar de finish te lopen. En die is er dan verbazingwekkend snel. Om kwart over vijf zijn we binnen. Erg moe en erg trots dat we het vandaag gered hebben.




Eenmaal terug in Sankt Andreasberg en na een frisse douche gaan we in het dorp nog wat eten. Maar we zorgen er wel voor dat we op tijd terug zijn. Morgen mogen we weer een dagje buiten spelen in de bergen.....