Naar Purper:


JE MOET ZEILEN OP DE WIND VAN VANDAAG. DE WIND VAN GISTEREN HELPT JE NIET VOORUIT, DE WIND VAN MORGEN BLIJFT MISSCHIEN WEL UIT! tekst en uitvoering: PURPER

Ik hou van motto's, hoewel ik niet iemand ben die ze zelf verzint. Liever zoek ik naar bestaande motto's die aansluiten bij mijn (manier van) leven. De tekst van Purper is al sinds jaren mijn handelsmerk, maar sinds ons bezoek aan de musical "Soldaat van Oranje" is daar een tweede motto aan toegevoegd: Morgen is Vandaag! Eigenlijk zeggen beide motto's hetzelfde. Geniet nu, leef nu, doe nu!!! En dat blijf ik proberen!!!!!

donderdag 23 juli 2026

N4D, de dag van Groesbeek

Never change een winning team, dus ook vandaag start Dochterlief het verslag:
Vandaag ging de start soepeler dan gisteren. We wisten waar we absoluut niet heen moesten - die trechter van gister - en kwamen daardoor beter terecht. Met een halfuurtje waren we gescand en klaar om te gaan. Mama kreeg van zichzelf het berichtje binnen dat ze was gestart, maar ik kreeg hem niet. We houden het op de slechte internetverbinding en gaan van start. 

Ik:
We slingeren weer door Nijmegen en ik probeer nu een aantal van de teksten bij het Radboud te lezen, die ik gister nog niet gelezen had. Dochterlief is een beetje nukkig, een beetje een ochtendhumeur en ik laat haar maar lekker schuiven, niet te veel aandacht aan besteden, het gaat straks wel weer over - hoop ik......

Dochterlief:
Onze eerste korte “pauze” is bij onze vaste wc-plek, een zekerheidje voor een sanitaire stop op de laatste drie dagen. Na de plaspauze lopen we door tot we onze rust op ongeveer 10 kilometer treffen. Tijd voor koffie, het eerste beetje eten (ik heb weinig trek) en natuurlijk weer een sanitaire stop. Mijn voeten beginnen weer dezelfde pijnklachten als gisteren te vertonen, maar ik probeer me er zo goed als mogelijk overheen te zetten.



Ik:
Net als we willen vertrekken komt Martin aangelopen, hij neemt, na een kort praatje, een stoel van ons over. Wij gaan richting Mook. Bij de militaire rustplaats is het weer tijd voor een sanitaire stop. Er zit een vrouw in de rij voor de toiletten, zij probeert tijdens het wachten haar voet te tapen. Elke keer als we een stukje kunnen opschuiven, neemt Dochterlief haar schoen mee en de wandelaar voor ons haar tas. De 4Daagse loop je echt nooit alleen....



Het blijft een beetje hangen en wurgen met Dochterlief, dus in Plasmolen gaan we aan de soep, altijd soep in dit soort gevallen. Er is plek op een bankje ergens achteraf en de schoenen gaan uit, vinden vooral de voeten van Dochterlief erg fijn. Ondanks alle pijntjes en muizenissen, doet ze in ieder geval wel haar best om de sfeer erin te houden.


Luister vooraal naar haar laatste woorden in dit filmpje.......

Ondertussen ben ik eigenlijk wel een beetje klaar met het rusten, maar goed, samen uit, samen thuis, dus de volgende rust werd gepland onderaan de Sint Jan. De eerste, en volgens ons, gemeenste heuvel van de N4D.

Dochterlief weer:
Net voor de Sint Jan (eigenlijk de ergste heuvel van deze dag en zeker niet één van de zeven) nemen we weer een rust. Ik heb vandaag echt wat meer moeite met het wandelen, maar opgeven zal ik nooit doen. Een bekende spreekt me aan over mijn grote broer en dat hij er niet is. Ik geef aan dat ik het ook jammer vind en dan neem ik plaats op één van de vrije stoeltjes. Vandaag voelt het even extra vervelend dat mijn broer niet mee is. Nu het allemaal wat minder lekker gaat, heb ik meer behoefte aan mijn grote broer. 

Net als ik zit komt Pianoman van Billy Joël door één van de speakers in de buurt - het nummer dat bij ons thuis onlosmakelijk verbonden is met mijn liefste broer. Ik begin te huilen, heel hard te huilen. Ik mis mijn broer, het gaat kut, mijn voeten doen pijn en dan moet ik straks ook nog die Sint Jan en daarna de zeven heuvelen over. 

Na even heel hard gehuild te hebben, veel meelevende blikken te hebben ontvangen en geruststellende woordjes te hebben gekregen, word ik wat rustiger. Mama stelt voor dat ik anders broerlief even bel. Omdat ik niet weet of hij werkt vandaag en waar hij werkt, besluit ik een berichtje te sturen. 


Mijn liefste broer besluit om me te bellen en na wat moeizame communicatie - hij belde mij, ik hoorde hem niet, ik hing op, belde hem, wederzijds contact - hebben we elkaar luid en duidelijk aan de lijn. Ik begin, opnieuw, te huilen. Ik vertel wat er is gebeurd, dat ik pijn heb onder mijn voeten en dat ik absoluut niet ga stoppen. Ons gesprek gaat door en uiteindelijk komen de legendarische woorden van mijn grote broer: “Zusje, stop met huilen, want anders huil ik straks in mijn brugwachtershokje mee.” Het brengt me aan het lachen. We babbelen nog even door en dan hangen we op. Mama en ik gaan de Sint Jan op. 

Ik neem het weer even over:
Ik probeer zo min mogelijk tegen Dochterlief te zeggen, want alles is haar op dit moment te veel, wel hou ik haar goed in de gaten. Als ik iets tegen haar zeg, is het omdat er iets leuks te zien is (afleiding) of om haar te wijzen op een mogelijk gevaar. Ik geef ook aan dat het stuk door Breedeweg lang, lang, lang is, dan kan het alleen maar meevallen. 

Langzaam maar zeker komt ze weer een beetje bij en kan ik meezingen en zwaaien met de muziek aan de kant zonder dodelijke blikken toegeworpen te krijgen. Niet dat ik me verder iets aantrek van die dodelijke blikken. En mocht je je nu afvragen of ik het nog leuk vind, ja hoor. En ik weet dat Dochterlief het NU niet leuk vindt, maar dat het wel weer beter gaat worden. Ons volgende doel is Jannie, die een krappe kilometer voor de Zevenheuvelenweg staat. In Groesbeek kunnen we redelijk goed doorlopen, daar hebben we dus niets over te klagen. Ook Dochterlief begint weer een beetje mee te zingen en zwaaien, er is dus hoop. 😝

Dochterlief weer:
In Groesbeek treffen we Jannie en het moment dat Jannie vraagt hoe het gaat, begin ik te huilen (opnieuw, alweer en zeker niet de laatste keer). Ik wil niet per se in herhaling vallen, maar gewoon zodat het zeker duidelijk is, het komt allemaal door de pijn in mijn voeten. 



We vervolgen en komen aan het begin van de Zevenheuvelenweg bij dokter Pain uit. Als mevrouw Pain vraagt hoe het gaat, dokter Pain is even naar de wc, begin ik weer te huilen. (Er valt over te discussiëren of ik tussendoor officieel gestopt ben met huilen of niet, maar die discussie gaan we gewoon even niet aan.) (Note van mij: Dokter Pain zorgt wel voor een goede massage, dus het wordt er in ieder geval beter op voor Dochterlief.)


De heuvels vallen me dit jaar zwaar. Waar mijn eerste twee Vierdaagses de heuvels me eigenlijk niks deden en ik zo over ze heen stapte, was dit jaar het echt een worsteling.
 

Nu ik weer even, voor een beetje positiviteit:
Op de Zevenheuvelenweg is het zoals elk jaar een drukte van belang met toeschouwers. Ik zing en feest lekker met ze mee, ondertussen Dochterlief in de gaten houdend. Zij loopt gewoon stug door, zonder op of om te kijken. Helemaal prima, lekker laten gaan. Ik maak nog even een korte stop om nieuwe SWD-muntjes te kopen, die waren op de vorige post op, en ook nu loopt Dochterlief gewoon door, ik haal haar wel weer bij.





Na Berg en Dal gaat het over de Kwakkenbergweg weer richting Nijmegen. We zien de rustpost van De Gouden Kruisdragers en Dochterlief vraagt of we daar even kunnen gaan zitten. Omdat ik lid ben kan en mag dat, dus dat doen we. We zitten hooguit een kwartier en dan gaan we weer verder. Op naar de drukte van de laatste kilometers in de Witte en Rode straat.

Dochterlief:
Ook de Witte en Rode straat waren dit jaar weer een drukte van belang. Het liep soort van door, maar het tempo was weer gruwelijk traag. Ik was daarom zeker niet gezellig (en ook de 20 kilometer daarvoor niet.) (Note van mij: Gelukkig heeft Dochterlief toch nog een beetje gevoel voor humor als ze moppert, dus ik moest af en toe toch om haar lachen en zij ook om zichzelf.) Gelukkig draai je na de beide straten zo de laatste bochten richting Wedren weer op. 

Net voor de afmeldhokjes stap ik op het randje van een mat (je weet wel zo’n zwart rubbere ding die over kabels en dingen heen liggen zodat je niet over de kabels struikelt). Een wildvreemde man vangt me op en ik begin bijna - ja nu bijna - weer te huilen. De wildvreemde man vraagt me ongeveer vijftien keer of hij me echt weer los kan laten en als ik dat vijftien keer heb bevestigd laat hij me los. Het is toch echt een Vierdaagse ding dat je voor elkaar zorgt en nogmaals dank aan deze vreemde man die zich zo over mij ontfermde. 

In de laatste kilometers maakte ik deze foto, de mevrouw in het midden had het zwaar en werd dus ondersteund door de militairen. Nog zo'n voorbeeld van het zorgen voor elkaar tijdens de N4D!!!

We lopen door naar de afmeldhokjes, mama geeft haar stempelkaart (of is het een knipkaart?), krijgt haar eindscan en de nieuwe kaart voor morgen. Dan ben ik, ik geef mijn stempelkaart, steek mijn pols uit voor mijn de scan en dan… “Je bent vanochtend niet gescand.” Ik begin weer bijna te huilen. Ga je nu serieus menen dat ik vandaag met heel veel moeite 40km heb gelopen om dan gediskwalificeerd te worden, omdat mijn scan niet goed is gegaan? Ik begin te hakkelen, probeer te zeggen dat ik samen met mama heb gelopen en net na haar ben gescand vanmorgen. De vrouw van het hokje geeft aan dat het goed is, maar dat ik morgen goed moet checken of ik ben gescand. Ik knik, tranen opnieuw in mijn ogen en krijg dan mijn stempelkaart voor morgen. Nog steeds half huilend trek ik mijn slippers aan.

Ik maar weer even:
Er staat een bekende van mij te wachten op De Wedren, iemand die ik ken van de Elfstedenwandeltocht. Daar gaan we even zitten en komt Dochterlief even bij. Vooral de bijna-val en de angst na het feit dat de scan vanmorgen niet goed gegaan was, maakten dat ze even bij moest komen. Wat ze ook van deze dag heeft geleerd is dat ze voortaan haar bril en lenzendoosje moet meenemen. Door het vele huilen is het zicht niet zo goed meer.....

Dochterlief voor het laatste stukje van vandaag:
We fietsen terug naar de camping, ik pak mijn douchespullen, weet een douchehokje in de schieten (eentje van de douches die altijd warm zijn) en blijf er best lang onder staan. 

Na het douchen terug bij de caravan is het weer tijd voor Radler 0.0. Ik heb een trui aan, lange broek aan en een deken om me heen geslagen. Ik drink niet, want ik heb het zo koud dat ik mijn handen niet boven de deken wil doen. Met deken en al vertrekken we tegen zessen naar het eten. 

De vrouw des huizes, de opperboerin van het terrein, vraagt of het gaat. Ik geef aan dat ik het gewoon heel koud heb. Ze geeft aan dat ik maar snel moet eten en dat het me vast goed doet. Ik volg haar wijsheid op en geniet van de nasi met satéstokjes en het toetje. Na het eten snel ik mijn bed in. Hopelijk zorgt een goede nachtrust voor warmte en energie voor morgen. Op naar de laatste dag!


O, toch ik nog even:
Ondanks de moeilijke dag voor Dochterlief zijn we blijven tellen, de stand van vandaag:
- Zwoele Zomernachten 9x
- Cheerio 11x

Geen opmerkingen: